|
||||||||||||
|
|
Schalkwijk
- De huidige parochiekerk van Schalkwijk werd in de jaren 1878-1879 gebouwd en staat op de plaats van de voormalige schuilkerk, een boerderij waar de katholieken sedert de reformatie kerkten. Rond 1880 zou pastoor G. Hilhorst van Schalkwijk het beeldje uit particulier bezit teruggekregen hebben. In 1883 vestigde zich een aantal zusters van de Sociëteit van Jezus, Maria en Jozef in het dorp. Het beeldje heeft vanaf dat moment in hun kloosterkapel een plaats gehad. Nadat de zusters in 1954 vertrokken waren is het beeldje weer in de parochie terechtgekomen. Sinds 1961 bevindt het zich in de kerk, aanvankelijk in een schrijn tegen de noordelijke kerkmuur bij de doopkapel, het latere mortuarium. Toen in 1993 de kapel van O.L. Vrouw van Altijddurende Bijstand werd gerestaureerd en ingericht tot dagkapel, heeft het beeldje daar een plaats gekregen.
- Het Schalkwijkse Mariabeeldje dateert uit de 14e eeuw, is 17,5cm hoog, van hout en gepolychromeerd. Maria draagt haar zoon op de linkerarm en in haar rechterhand houdt zij een gouden scepter vast. Jezus draagt een wereldbol. Beiden hebben een gouden kroon op het hoofd. Kroontjes en scepter zijn een geschenk van de bevolking ter gelegenheid van het gouden jubileum van het St.-Canisiusgesticht van de zusters van de Sociëteit van Jezus, Maria en Jozef. De voorwerpen werden in 1933 vervaardigd in de plaats van de oude attributen door atelier Van Roosmalen uit Utrecht. Toen het beeldje in 1961 in de kerk geplaatst werd, is door Jean van der Poll uit Bilthoven een smeedijzeren schrijn met glas ervoor vervaardigd.
Verering - Hoewel het beeldje uit de 14e eeuw dateert, is er in de Schalkwijkse geschiedenis eigenlijk niets over bekend. De middeleeuwse geschiedenis bestaat uitsluitend uit een legende die geen plaats- of persoonsnamen bevat, kortom, die niet aan Schalkwijk kan worden verbonden. De legende, die mondeling van geslacht op geslacht zou zijn overgeleverd, vertelt dat een boer die op het land werkte een kind hoorde huilen. Afgaande op het geluid trof hij in een nabijgelegen put het Mariabeeldje aan. De plaatselijke pastoor zag hierin een mirakel en bracht het beeldje vervolgens over naar de kerk. Als gevolg van de reformatie zou het beeldje in particulier bezit bewaard zijn -tot de pastoor het rond 1880 terugkreeg.
- In 1883 hebben de zusters van Jezus, Maria en Jozef het beeldje onder hun hoede genomen en de verering sterk bevorderd. Zij hebben ook verhoringen genoteerd; deze aantekeningen zijn eveneens gezien door P.M. Heijmink Liesert, maar nadien verdwenen. De laatste gunst die werd toegeschreven aan Maria van Schalkwijk betrof de goede afloop van de evacuatie van het dorp tijdens de Tweede Wereldoorlog. De verering heeft steeds een plaatselijk karakter gehad. Tegenwoordig worden nog geregeld kaarsen opgestoken bij het beeldje.
|
WATERLINIEROUTE.NLDe enige toeristische autoroute van de Nieuwe Hollandse Waterlinie
Van het IJsselmeer tot aan de Waal; van Bussum tot en met Gorinchem. Langs
forten en vestingplaatsen.
|